Vrijblijvend

Door: Hanneke Reitsma

‘Dus als je stil staat en wacht tot hij uit zichzelf het juiste gedrag laat zien, om het voertje te verdienen, kijkt hij alle kanten op en gaat ‘klieren’?’

‘Precies!’

‘En als je in beweging gaat, met hem gaat lopen, heb je wél de aandacht? Zelfs tussen de andere honden?’

‘Ja! Dan wel…’. ‘De trainer zegt steeds dat ik moet afwachten, en niks mag doen, tot hij uit zichzelf het goede gedrag vertoont’.

Positief

Voor me zit een eigenaar die een punthoofd heeft gekregen van haar hond. Ze zit al een jaar op les, wat als een positieve training te boek staat. Gaat trouw iedere week, en oefent thuis, maar zonder het gewenste resultaat.

Het betreft hier een anderhalf jaar oude hond van een ras dat als het ware genetisch voorgeprogrammeerd is samen te werken, en niet bekend staat als ‘lastig opvoedbaar’. Toch wordt deze hond op dit moment zo ervaren.

Geen rust

Van wat ik hoor, en zelf waarneem, is het een hond die van alles pakt, behalve rust. Tijdens ons gesprek deponeert hij ook continue de bal voor de eigenaar en zij gooit het ding braaf weg (want het is immers een jonge werkhond met veel energie …). Wanneer op mijn verzoek het weggooien wordt gestaakt en de bal uit zicht is, schroeft de hond zoals verwacht eerst zijn aandachttrekkende pogingen op, mét geluid, en wanneer dat geen effect heeft, gaat hij over tot het fixeren en het achterna rennen van een bromvlieg. Altijd succesvol natuurlijk. Geen moment gaat hij rustig liggen. Volgens de eigenaar is dit het normale beeld gedurende de dag.

Wanneer zij even wegloopt volgt de hond haar als een zonnetje – uit zichzelf. Zonder voertjes. Dat is intrinsiek aangestuurd. Mentaal en fysiek komt hij echt niets te kort, integendeel. Intussen presteert de hond nog op kleuterniveau terwijl hij al op de middelbare school had kunnen zitten!

Dit is een typisch voorbeeld van een hond die onbewust verkeerd gestimuleerd en bekrachtigd is, mede door een – voor deze hond – te vrijblijvende training. Sterker nog, door steeds zijn initiatieven (al dan niet met voertjes) te belonen, ongeacht de context, bleef de hond hyper en alert en ging hij (overdag) nooit rustig liggen, terwijl veel van het verlangde gedrag al intrinsiek aanwezig was in de hond.

Corrigeren?

‘Maar wat moet ik dan?!’, verzucht de eigenaresse. ‘Moet ik hem dan maar in de nek pakken en corrigeren?’ Zeker niet! Trainen door middel van angst is nooit de weg.

Voor deze hond is het wél noodzaak dat hij goed weet waar hij aan toe is. Dat hij leert: dit gedrag willen we wél graag – en zó gaan we dat doen -, en dát gedrag hoeft niet. Nu mag je ‘aan’, nu mag je ‘uit’. Op gezette tijden niets te hoeven geeft enorme rust.

Door deze slimme jongen met zachte hand en duidelijke lichaamstaal aan te sturen, te voorkomen dat hij alles uit de kast moet halen, en hem daarna met een beetje zachte massage te laten ontspannen, komt er nog tijdens ons gesprek veel rust en vertrouwen(!) dat hij niet alleen rustig gaat liggen, maar zelfs na een heel diepe zucht in slaap valt…

Duidelijkheid en voorspelbaarheid – mét liefde en respect -, zorgt voor rust en veiligheid, voorkomt stress, en daarmee ook ander probleemgevend gedrag. Dát zijn voor mij de ingrediënten van een positieve opvoeding.

Note: Ben ik tegen het gebruik van voer? Zeker niet. Maar of, wanneer en de wijze waarop het wordt ingezet kan voor iedere hond (en eigenaar) anders zijn. Een goede instructeur of gedragstherapeut kan je hierbij helpen. Vraag hiernaar bij de Martin Gaus Academie.

 

 

Hanneke Reitsma, kynologisch gedragstherapeut en docent aan de Martin Gaus Academie

Laatste artikelen